31-05-06

Donzen veertje

Niets is zo sensueel als een ei breken tegen een aarden kom, de schelp in twee breken en het ei langzaam in de pan laten glijden. Ik keek er deze middag al naar uit toen ik een ei uit het bakje nam waaraan nog een donzen veertje kleefde. En plots kreeg ik er het moeilijk mee.

 

18:48 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

The Best Case Scenario

Een vriendin van me die de zeven laatste jaren het beste van zichzelf gegeven heeft op werkvlak, kampt met een hevige burn-out. Avondwerk en weekendwerk, alsmaar meer verantwoordelijkheid dragen en daarnaast nog de verbouwing van een huis en de komst van een kind. Om financiële redenen was er geen mogelijkheid om het werk stop te zetten. Antwoorden op sollicitaties bleven uit. Ik voelde mee; ik voelde me onmachtig. Tot plots het beste bericht uit jaren komt: maandag is ze ontslagen op haar werk met drie maand uitbetaling en onmiddellijk vertrek, woensdag heeft ze getekend voor een 4/5 job waar ze het veel kalmer aan zal kunnen doen. Bovendien start ze pas op 15 augustus. The “best case scenario” noem. Ik ben superblij! Dat moet gevierd worden met taart en koffie.

18:47 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

.. en Temptation Island

Na de Topmanager volgt Temptation Island. Wie weet kan VT4 wel een formule uitdenken waarbij de afvallers van de Topmanager automatisch in een volgende Temptation Island opgenomen worden.

 

Het principe is eenvoudig: vier koppeltjes die hun relatie willen testen, worden op een idyllisch plekje in het Verre Oosten gedropt. Ze worden van elkaar gescheiden en moeten 16 dagen lang aan de verleiding van mooie meiden en stoere jongens doorstaan om hun trouw tegenover hun geliefde te bewijzen.

 

En blijkbaar is dat niet zo gemakkelijk Een op de vier heeft het gehaald. Hoewel ik ook m’n twijfels heb bij dat vierde koppel maar kom… In de drie gevallen waren het telkens de mannen die trouw bleven en de vrouwen die overstag gingen. Vreemd. Ik ging er altijd van uit dat mannen sneller zouden bezwijken voor vrouwelijke charmes dan andersom. Veel spijt was er bij de dames naderhand niet bij. De mannen daarentegen leden erger onder de situatie. Eén van hen zat in zak en as. Erkende met spijt in het hart dat ze Temptation Island dan wel overwonnen hadden maar daarna uit elkaar gegaan waren. Tot hij na die woorden in zijn tuin nietszeggende beelden te zien kreeg maar ook fluisterende woorden van zijn exotische ex te horen kreeg die niet veel aan de verbeelding overlieten. De man ging terug naar zijn schuurtje waar hij aan zijn motor rommelde en kwam er niet meer uit.

 

De stoere bink met de staalblauwe ogen en het onversneden Antwaarps accent, wiens libido hem nooit in de steek liet, kwam er even bekaaid af. Zijn Bianca verliet hem weldra en de mooie Liesbeth op wie hij een oogje had viel voor Tim De Pril. Hij riep nog “Klotewaaif” naar zijn Bianca en stortte zich vervolgens gefrustreerd in een P-magazine waarin Liesbeth  een lingerie special showde. Mooi kontje en het verhaal was uit.

 

De winnaar van Temptation Island is ongetwijfeld Bianca. Het meisje dat actief is in de erotische massage – ze is geen hoer, nee - heeft uitgebreid haar beroepskwaliteiten tentoongespreid en ik vermoed dat de telefoon van de huis waar ze werkt, roodgloeiend staat. Uitgebreid aan bod komen in de kranten, twee volle pagina’s krijgen in Dag Allemaal en een voorstel krijgen van Penthouse, je zou voor minder deelnemen.

18:46 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De Topmanager

Ik moet bekennen. Op dinsdag stem ik wel eens af op VT 4 om de Topmanager te zien en daarna Temptation Island.

 

Rob Heyvaert is manager van het bedrijf Capco. Of de topmanager ooit zal aangeworven worden is nog maar de vraag. Voor een loon van 200.000 euro per jaar zijn velen geroepen maar weinig uitverkoren. In mijn ogen zijn er bij die tien uitverkorenen wel mensen met talent maar een topmanager zie ik er niet bij. Al denken sommigen van zichzelf dat ze het warm water uitgevonden hebben en breekt het angstzweet me uit bij het idee dat ik voor één van deze mensen zou moeten werken. De blondine met het Antwerpse accent en de roodharige zelfbenoemde manager op kop. Bij Capco zelf werken, lijkt me ook geen lachertje. Rob Heyvaert is echt freaky, Luc Philippi en de bevallige fijne dame met het zwarte haar en dito brilletje zijn op zijn minst gezegd meesmuilende mensen met akelige binnenpretjes. Vraag is of de topmanager er ooit zal beginnen. Want Capco staat te koop. De zaak zou elke dag verlies maken en de aandeelhouders beginnen te morren. Ook al omdat Heyvaert, ondanks de negatieve berichten, niets zou afdoen van zijn luxueuze levensstijl. Wordt vervolgd.

 

Een eerste, tweede en derde afdeling kunnen nog wel boeien maar bij een vierde aflevering kruipt de gewenning er in en zie je de mensen steeds weer hetzelfde maar dan in andere omstandigheden doen. Boeiend is anders. Wat me daarentegen wel blijft intrigeren is de interactie in een groep. De aanvoerder, het zwarte schaap, kleinere groepjes die zich vormen, mensen die er helemaal niet thuishoren. In deze groep of in een andere. Het is een universeel gegeven.

18:44 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Vrouwen (z)onder de boerka

Dinsdagavond gaf Annemie Struyf een lezing in de plaatselijke bibliotheek over “Vrouwen (z)onder burka”, het boek dat ze samen met fotografe Lieve Blanquaert gemaakt had over vrouwen in Afghanistan.

 

Hoe ze daar verzeild raakten? Net als miljoenen andere mensen hadden ze op de televisie het beeld gezien van een vrouw in een burka die onder het oog van duizenden mensen in een voetbalstadion doodgeschoten werd. Twee Britse journalisten wilden er meer over weten en trokken  naar Afghanistan om de achtergrond van de feiten te kennen. De vrouw was beschuldigd van overspel en werd met een jeep het stadion binnengereden waar wekelijks openbare straffen en terechtstellingen plaatsvonden. Ook vandaag verwachtte ze haar portie slagen. Hoe verwonderd moet ze geweest zijn wanneer ze door de mazen van haar boerka oog in oog stond met de loop van een geweer. Was de vrouw werkelijk schuldig aan overspel? In Afghanistan is overspel zo’n taboe dat de schuld zelf niet in vraag gesteld wordt, je bent sowieso veroordeeld. Een gemakkelijke manier om wraak te nemen op iemand.

 

Als in Afghanistan een jongen geboren wordt, lopen de mensen het huis uit en schreeuwen hun vreugde uit in de straten van het dorp. Mensen komen de straat op, het dorp vult zich met feestgedruis om die ene jongen die een volmondig ja krijgt op zijn bestaan. Wordt een meisje geboren, dan blijven de deuren en ramen dicht en blijft ijzig stil. Een meisje begint haar leven met een duidelijk NEE. En groeit op om huishoudelijke taken te verrichten binnen de familie. Geen recht op onderwijs, geen recht op werk. Buiten komen (onder de boerka) mag niet tenzij ze vergezeld is van een mannelijk lid van de familie. Op haar twaalfde wordt ze uitgehuwelijkt aan een man van 20, 30, 60 of welke leeftijd ook en fungeert ze als zijn tweede, derde of zoveelste vrouw. Voor 9 op de 10 vrouwen is de eerste huwelijksnacht pure verkrachting. En dan baart ze kinderen: één, twee, drie, vier, vijf enzovoort. Dit lot is de vrouw onder het Taliban-regime beschoren.

 

En zeggen dat Afghanistan goed op weg was om één van de vooruitstrevendste staten in het Oosten te worden. De Chanelpakjes werden gretig afgenomen in de toenmalige, steeds modernere staat. Vrouwen studeerden aan de universiteit en bekleedden hoge posities. Afghanistan was een vrij, rijk en welvarend land tot de Russen het binnenvielen. Amerika  steunde het verzet, de Taliban - waaronder een zekere Bin Laden. Toen de oorlog voorbij was, snakte de Afghanen naar zelfbestuur en waren ze blij dat een groep mensen van eigen bodem het heft in handen zouden nemen. Dat dit een terugkeer naar de middeleeuwen was, kon niemand bevroeden.  

 

Annemie Struyf baseert haar verhaal op de foto’s die Lieve Blanquaert gemaakt heeft. Je leest in de ogen en de houding van de vrouwen hun angst, hun wilskracht, hun wijsheid, hun wanhoop. Door de toelichtingen die Struyf bij de foto’s geeft, wordt het plaatje enkel nog duidelijker. De eerste dame waarover Struyf vertelt is een vrouw die haar boerka afgedaan heeft en een medaillon voor zich houdt met een foto van wie ze jaren geleden was: een mooie, opgemaakte en trotse vrouw in westerse kleren. Jarenlang lag de foto begraven onder haar huis. Op eigen risico. Want als een Taliban-lid ze gevonden had, was dit een afdoende reden om haar te vermoorden. Als verpleegkundige beheert ze het vrouwenziekenhuis en staat aan het hoofd van tweehonderd vrouwen, maar thuis zijn haar man en haar zonen de baas.

Het verrassingseffect wordt nog groter doordat je eerst de vrouwen ziet onder de boerka en daarna zonder de boerka. Je kan op basis van de handen de leeftijd raden, maar het blijf toch nog altijd een mysterie tot de onthulling. Bij wijze van demonstratie doet Struyf zelf een boerka aan en praat verder. Het voelt vreemd en zelfs angstaanjagend aan om zo’n vormeloos gewaad tegenover jou te zien spreken. Ik voel er al snel een zeker afgrijzen bij en adem opgelucht als ze de boerka oplicht en ze weer gewoon zichzelf is. Misschien schuwt Struyf hier en daar geen theatraal middeltje maar het doel heiligt in dit geval zeker de middelen. Van bij het begin grijpt ze je bij het nekvel door haar vertelkunst enerzijds en accurate kennis anderzijds. Zij pleit voor haar zaak met een tomeloze inzet en integriteit en charmeert je terzelfdertijd met haar eenvoud, eerlijkheid en spontaniteit. En slaagt er zelfs in om de dramatische verhalen te kruiden met een snuifje humor, zonder dat dit ongepast overkomt.

 

De laatste foto’s die Struyf toont zijn in de bevallingskamer getrokken. Op het gelaat van een vrouw die net haar vierde kind gebaard heeft, zie je vermoeidheid maar ook strijdvaardigheid. De volgende foto toont een jonge vrouw na haar achtste bevalling. Haar ogen zijn dof en hol, zij ziet er oud en uitgeput uit en toch zal ze net zoals haar voorgangster na twee uur het ziekenhuis moeten verlaten. Haar jongste kind is een meisje en alsof dit nog niet genoeg is, heeft het een vervormde voet. Elke handicap is een straf van Allah. Met uitsluiting door de familie als gevolg. Bij het verlaten van het ziekenhuis, zal ze overgeleverd worden aan haar eigen lot, veroordeeld tot een leven van bedelen en overleven of sterven. Annemie Struyf wil haar lezing niet eindigen met een negatief beeld en stelt het vorige beeld terug in. Optimitisch realisme of geloof in een lost cause? Wil zal het zeggen. Een uur later zit ze nog geduldig boeken te signeren.

18:43 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Een eiland van purperen tulpen

Op zondag komt m’n oudste zus binnen met een grote emmer purperen tulpen. Ik hou van bloemen al blijf ik het vreemd vinden om ze in huis te halen en gewoon niet te laten groeien in de natuur waar ze thuishoren. Ik voel geen enkele schaamte om ergens onderweg over een tuinhek te buigen en met m’n neus de geur van theerozen op te snuiven. Of hoe vaak ruik ik geuren van bloemen die ik niet kan thuisbrengen. Is het nostalgie of is het een bruut gegeven, maar vroeger geurden bloemen nog. Nu vind je in bloemenwinkels een steeds grotere verscheidenheid aan kleuren en soorten maar nog slechts één geur: die van fresia’s. Al krijg ik de indruk dat ook die getrukeerd is.

 

Komt m’n zus dus binnen met purperen tulpen. Vooreerst heb ik nooit van tulpen gehouden. Het doet me denken aan Nederland, aan klompen en aan molens. En purper is nooit mijn favoriete kleur geweest. Maar nu zoals ik ze daar nu zie, is het één en al schoonheid. En ben ik er dadelijk wild van. Ik zou in elke kamer emmers vol purperen tulpen willen plaatsen. Ik haal uit de kast alle vazen die ik heb en vul elke vaas. Vreemd hoe elke tulp weer anders word al naargelang de vaas waarin ik ze stop: klassiek, modern, exotisch, fris als de lente, dramatisch, hoogmoedig. In elke kamer zijn er bloemen. Dagelijks doe ik de ronde langs mijn tulpen en ik krijg maar niet genoeg van hun schoonheid. Zelfs wanneer ze beginnen te verwelken, een eerste blad dat op de vloer valt, een naakte tulp met een kring van bladeren om haar heen. Zelden heb ik zo gelukkig geweest met bloemen. Het mag dan een klassiek geschenk zijn, maar bloemen geven/krijgen blijft mooi.

18:42 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Het zaterdagse ochtendritueel

Het is één van de mooiste ogenblikken van de week: de korte wandeling naar de krantenman op zaterdagochtend. Rustig, in losse kledij, een krant die netjes klaarligt, een miniatuur van een Fiat 500 in het uitstalraam die me telkens weer blijft bekoren. Terug langs het parkje waar mensen hun hond uitlaten, waar een picknickbank in het hoge met madeliefjes bespikkelde gras er leeg bijligt. Waar alles nog stil is op een tram na die voorbijrijdt. En vooral de frisse temperatuur met een kil windje voor de warmte van de dag komt en alles in een soms verzengende hitte immobiel maakt.

18:39 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

The Day After

6 mei. Ik heb het overleefd. Gisteren was m’n verjaardag en samen met 31 december is dat zowat de verschrikkelijkste dag in het jaar. Ik ben veel meer de woorden van Alice in Wonderland toegenegen die zegt: Op één dag na, vier ik elke dag m’n niet-verjaardag.

 

Het begon met een vreemd verschijnsel dat me slechts uiterst zelden overkomt. Ik tastte naar m’n bril op m’n nachtkastje en vond niets. Verder tasten, nog niets. Opstaan, tasten, nergens iets. Ik zette dan een vervangbril van vroeger op en ging verder zoeken. Nergens iets. Tot daar toe. Drie kwartier later heb ik hem aan het voeteinde aan de andere zijde in bed gevonden. Ik versta nog steeds niet hoe die daar verzeild is. Ik neem een douche en plots breekt de douchekop af van de slang. De slang spartelt in het rond en geeft met een flukse en harde straal een douche aan m’n hele badkamer. Resultaat: alles druipnat. Net voor ik de deur uitwil, merk ik op dat ik twee verschillende kleuren kousen aanheb! In de namiddag ga ik naar de universiteitsbibliotheek in Leuven, ben er nog geen drie minuten of een man vertelt me dat de bibliotheek uitzonderlijk sluit over 5 minuten. Ik keer onverrichter zake naar huis terug.

Bijna thuis, na een zeer redelijke file getrotseerd te hebben, raak ik verstrikt in wegversperringen. Vanwege werken die uitgevoerd worden en vanwege de beslissende voetbalfinale. Ik wring me in bochten en straten en probeer maar, maar sluit mezelf in. En dat op 100m van m’n huis! Het kost me een half uur om iets te doen wat normalerwijze 3 minuten in beslag neemt. Uit pure frustratie om die dag op zich en alle onzin errond, hou ik een uitputtende snoepronde in plaats van een heerlijk restaurantje mee te pikken en mok wat thuis voor de beeldbuis en onnozele programma’s om nog onnozeler van te worden.

 

Is alles dan zwart gekleurd? Nee! In de bibliotheek in Leuven zijn de eerste respectvolle woorden gevallen met de bibliothecaris, waarmee ik op oorlogsvoet leefde. Ik zie mooie dingen: de man in het huis rechtover me die in een stoel richting zon zit en duidelijk van haar eerste warme stralen geniet, de Japanse kerselaars die in volle bloei staan en het park een roze kruin geven, en ’s avonds een vuurwerk- niet echt voor mij maar wel voor Anderlecht kampioen.

 

Kortom, ik heb gisteren overleefd en ben heel blij dat het vandaag 6 mei is.

18:39 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Duivenpension in Anderlecht sluit zijn deuren

In een vroeger stukje “Vreemde Geluiden” had ik het over de ontdekking van duiven in m’n terrraskast. In het begin vond ik het tafereel aandoenlijk: een moederduif die haar ei uitbroedt. Enkele dagen erna zag ik dan het borelingetje en ook dat was nog mooi. Na een maand huisden zes duiven in m’n terraskast en was m’n piepkleine terrasje een openbare schijtplaats geworden. En dit is net iets van het goede teveel. Gisterenavond ben ik m’n terras met grote emmers water beginnen overspoelen en heb al een eerste en tweede kuisbeurt achter de rug. Deze namiddag volgt een grondige poets- en opruimbeurt van de terraskast. Sorry duiven, al hoor ik zo graag jullie gekoer. Het is zomer, het is warm, er zijn voldoende bomen in de tuinen, en ook jij kleintje moet uitvliegen. Zo gaat dat nu eenmaal in het leven. Vanmorgen zaten er nog drie in de kast. Ik maak heftiger gebaren in de hoop van ze zullen wegvliegen. Junior zat op de richel van de deur. Ik schudde met de deur en klopte er wat op om hem weg te jagen. Het enige effect was dat hij heel bang en in paniek begon heen en weer te trippelen over de rand maar wegvliegen, nee. Met excuses voor het woordgebruik maar welgepast voor de omgevingsomstandigheden: een schrikschijter op m’n terras. Vanavond sluit het pension onherroepelijk zijn deuren.

 

Heeft dit verhaal ook goede effecten? Ongetwijfeld. Ik ruim m’n terraskast op, de druk om deze zomer wat te doen met het terras verhoogt en met een komst van één of twee katten in het verschiet, zal ik nooit meer m’n neus optrekken als ik weer eens een kattenbak verversen moet.

 

Het doet me denken aan een joods verhaaltje. Een man gaat naar de rabbi en klaagt over zijn vrouw. “Rabbi, ik hou het niet meer uit, m’n vrouw is onmogelijk, wat moet ik doen?”. De rabbi antwoordt: “Haal jouw schoonmoeder in huis”. De man antwoordt: “Maar rabbi, zij is nog erger dan mijn vrouw”? De rabbi: “Haal haar in huis”. Na twee dagen komt de man terug en zegt: “Rabbi, ik hou het echt niet uit!” Waarop de rabbi zegt: “Haal die vreselijke buur van jou in huis”. De arme man haalt zijn vreselijke buur in huis. En zo gaat de man altijd maar heen en weer en gebiedt de rabbi hem alsmaar meer vreselijke mensen in huis te halen. Als het daar op een ark van Noé begint te lijken, en de man nogmaals aanklopt bij de rabbi, zegt de rabbi hem: “Ok, stuur iedereen nu weg op je vrouw na.” Waarop de man ’s anderendaags bij de rabbi aanklopt en met een gelukzalige glimlach zegt: “Rabbi, ik ben nog nooit zo gelukkig geweest!”.

18:38 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

01-05-06

Sporten is gezond

Hoe ver bracht ik het zelf op sportvlak? Maakte het me populair bij mijn vriendjes?

 

Ooit speelde ik mee op het veld, zag de bal naar me toe komen, dacht “nu of nooit” en liep als achtervolgd door de duivel naar het lege doel voor me. Ik mikte en regelrecht in het doel. Uitzinnig stak ik mijn handen in de lucht en draaide me om de lofbetuigingen van mijn kameraadjes in ontvangst te nemen. Boze gezichten, da’s alles wat ik zag. Een bal schop je niet in eigen doel! Wist ik veel… Bij volgende spelletjes moest ik steevast de vernedering ondergaan om als laatste gekozen te worden. En dan nog, hadden ze liefst dat ik heel kalm bleef en vooral de bal niet beroerde.

 

Ijsschaatsen werd evenmin een succes. M’n tante kwam me steevast op woensdagnamiddag oppikken om samen met mijn neefje naar Vorst Nationaal te gaan. Hij scheerde over het ijs, slalomde aan ijzigwekkende snelheden langs de andere schaatsers en speelde op heftige wijze ijshockey. Ik begaf me vol vertrouwen op het ijs, viel een seconde later, stond weer op, viel, stond op, viel en stond op. Na vijftien minuten strompelden mijn onvervalste O-benen naar de zijkant en at ik een hot-dog. Het werd een vast ritueel. Op de ijspiste, verder strompelen me vastklampend aan de rand, na 5 minuten, cafetaria en hot-dog nummer 2. Enzovoorts tot hog dog nummer 5. Geef toe, ik was een goede sporter om me elke woensdagnamiddag zo op het ijs te wagen. De apotheose kwam toen een man zwaar gevallen was en ik het rood bloed op het witte ijs zag. Bloedmooi, maar een definitief afscheid aan Vorst Nationaal.

 

Paardrijden werd ook al geen succes. In Schotland kreeg ik een eerste kennismakingsles met een paard. Gewoon wat ronddrentelen. Nadat het paard een beetje te veel naar mijn zin de steile afrond naderde, trok ik aan de teugels, steigerde het paard en viel ik op de grond. Ik zonder vrees terug op het paard. Vijf minuten later, identiek scenario. Toen het paard voor een derde keer stijgerde en me van zich afgooide, rende het weg en galoppeerde over de Schotse Highlands. De twee begeleiders achtervolgden het in zijn vlucht. Het leek net een passage “Sense and Sensibility”. Mijn einde was minder romantisch. Een meisje van 7 werd op mijn bruine hengst getild en ik mocht op een kleine pony de tocht verderzetten. Eind paardencarrière.

 

Is er dan helemaal geen plaats voor sport in mijn leven? Toch wel. Ik beoefen oudemensensporten als wandelen en zwemmen. Op mijn ritme: traag. En yoga, dat me verzoent met de wereld, met mijn lichaam en met mezelf. Elke vrijdagavond word ik even weer opgenomen in een universele wereld waar ik een infiem deeltje van ben en leven puur zijn is.

 

21:20 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Zoon

(titel ontleend aan een recensie in een Franse krant)

 

De naam Thierry Michel zei me niets, maar sinds “Congo River” is hij in mijn geheugen gebeiteld. Hij is een Belg die documentaires maakt, met een voorliefde voor Afrika en meer bepaald Congo. Voordien bracht hij al “Mobutu, roi du Zaïre” uit.

 

Een schip vaart de Congo af, van monding tot bron. Aan boord verblijft een bont gezelschap, een microkosmos op zich, waardoor we ondergedompeld worden in de Afrikaanse maatschappij en haar gewoonten en gebruiken. Elke dag heeft zijn eigen verhaal. De ene dag wordt er gedronken op de geboorte van de dochter van de kapitein, de andere dag is het gevaarlijk varen tussen de zandbanken door en mensen oppikken van een schip dat wel gestrand is. Betrouwbaar navigeermateriaal is niet of nauwelijks aanwezig, de stuurlui verhelpen zich dan maar met een stuk kaart en vertrouwen in hun ervaring. Bij stormregen en onweer beschermen de reizigers zich onder primitieve luifels, lozen op geregelde tijdstippen het water en kijken stil voor zich uit, wachtend op letterlijk en figuurlijk betere tijden. Als het mooi weer is, eten ze aap die aan boord gebarbecued wordt (Gaia zou eens moeten weten!) of zingen zacht liedjes. Het leven aan boord gaat rustig verder. En zoals de kapitein op het einde van de tocht besluit: het was een zeer goede vaart, er is niemand gestorven.

 

De boottocht is al een avontuur op zich, maar de oevers zijn nog veel boeiender. Het schip houdt halt bij wat ooit de befaamde landbouwuniversiteit van Yangambi was. Nu ligt het gebouw er op één professor na, verlaten en desolaat bij. We brengen een bezoek aan het geboortedorp van Mobutu, waar alle elektrische infrastructuur ingepland werd om nooit te functioneren. De ruïnes van zijn megalomane villa worden volledig overwoekerd door welig tierend onkruid. Getuigen van een vergane glorie. Een volgende halte voert naar de alom gevreesde Mau-Mau krijgers waar Michel door de leider zelf ontvangen wordt. Je moet gewapend zijn met een flinke dosis lef om dergelijke man te interviewen. Daarna volgt een ontmoeting met één van hun slachtoffers: een jonge vrouw die meermaals door hen verkracht en gefolterd werd en wezenloos voor zich uitstaart.

 

Wat maakt “Congo River” zo sterk? De film brengt een boeiend en beklijvend beeld van het huidige Afrika in al zijn facetten. Dé vondst is de montagetechniek waarbij het oude archiefmateriaal vermengd wordt met huidige beelden en de realiteit van vandaag nog prangender wordt, het verschil nog groter. Tot op zekere hoogte kan je de documentaire vergelijken met “Darwin’s nightmare”. Al vind je er niet het grimmige, donkere en fatale in terug. In “Congo River” leeft staat het land aan de rand van het failliet, maar de bevolking is springlevend.

21:19 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

Un long fleuve pas si tranquille

(titel ontleend aan een recensie in een Franse krant)

 

De naam Thierry Michel zei me niets, maar sinds “Congo River” is hij in mijn geheugen gebeiteld. Hij is een Belg die documentaires maakt, met een voorliefde voor Afrika en meer bepaald Congo. Voordien bracht hij al “Mobutu, roi du Zaïre” uit.

 

Een schip vaart de Congo af, van monding tot bron. Aan boord verblijft een bont gezelschap, een microkosmos op zich, waardoor we ondergedompeld worden in de Afrikaanse maatschappij en haar gewoonten en gebruiken. Elke dag heeft zijn eigen verhaal. De ene dag wordt er gedronken op de geboorte van de dochter van de kapitein, de andere dag is het gevaarlijk varen tussen de zandbanken door en mensen oppikken van een schip dat wel gestrand is. Betrouwbaar navigeermateriaal is niet of nauwelijks aanwezig, de stuurlui verhelpen zich dan maar met een stuk kaart en vertrouwen in hun ervaring. Bij stormregen en onweer beschermen de reizigers zich onder primitieve luifels, lozen op geregelde tijdstippen het water en kijken stil voor zich uit, wachtend op letterlijk en figuurlijk betere tijden. Als het mooi weer is, eten ze aap die aan boord gebarbecued wordt (Gaia zou eens moeten weten!) of zingen zacht liedjes. Het leven aan boord gaat rustig verder. En zoals de kapitein op het einde van de tocht besluit: het was een zeer goede vaart, er is niemand gestorven.

 

De boottocht is al een avontuur op zich, maar de oevers zijn nog veel boeiender. Het schip houdt halt bij wat ooit de befaamde landbouwuniversiteit van Yangambi was. Nu ligt het gebouw er op één professor na, verlaten en desolaat bij. We brengen een bezoek aan het geboortedorp van Mobutu, waar alle elektrische infrastructuur ingepland werd om nooit te functioneren. De ruïnes van zijn megalomane villa worden volledig overwoekerd door welig tierend onkruid. Getuigen van een vergane glorie. Een volgende halte voert naar de alom gevreesde Mau-Mau krijgers waar Michel door de leider zelf ontvangen wordt. Je moet gewapend zijn met een flinke dosis lef om dergelijke man te interviewen. Daarna volgt een ontmoeting met één van hun slachtoffers: een jonge vrouw die meermaals door hen verkracht en gefolterd werd en wezenloos voor zich uitstaart.

 

Wat maakt “Congo River” zo sterk? De film brengt een boeiend en beklijvend beeld van het huidige Afrika in al zijn facetten. Dé vondst is de montagetechniek waarbij het oude archiefmateriaal vermengd wordt met huidige beelden en de realiteit van vandaag nog prangender wordt, het verschil nog groter. Tot op zekere hoogte kan je de documentaire vergelijken met “Darwin’s nightmare”. Al vind je er niet het grimmige, donkere en fatale in terug. In “Congo River” leeft staat het land aan de rand van het failliet, maar de bevolking is springlevend.

21:18 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Een afknapper van formaat

Onlangs “La Petite Jérusalem” van Karin Albou gezien in de bioscoop. Een film over een joodse adolescente die opgroeit in een orthodox gezin in Parijs en stilaan op eigen vleugels wil vliegen. Het was lang geleden dat ik nog zo’n onweerstaanbare zin had om de filmzaal te verlaten. Goede bedoelingen, dat wel, maar saai, saai, saai. Je stak er wat op van de joodse tradities maar dan kon je beter naar het mooie Kadosh gaan kijken. En verder maak ik er geen woorden aan vuil.

21:18 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Trouw op post.

Wanneer ik ’s ochtends de metro uitstap en de hoek omdraai, ligt hij op enkele lagen karton te doezelen. Met een handbeweging trekt hij de deken over zich heen die van hem afgegleden is. Hij gaat weer liggen op zijn rug. Opent de ogen en kijkt naar de forenzers die zich naar hun werk haasten. Hij ziet de wereld vanuit kikvorsperspectief. Een van de vele daklozen die Brussel rijk is.

 

Een van hen heb ik iets beter gekend. Een oude man van 65-70 jaar die post gevat had op het bordes van mijn werk, er steevast zijn sigaretje rolde en eerste Aldi-pint dronk. Hij vertelde me dat hij uit een voorname familie uit Charleroi kwam en dat zijn vader een directeursfunctie had in de opera. Op een bepaald ogenblik was er zware onenigheid ontstaan tussen vader en zoon met een definitieve breuk tot gevolg. Van toen af aan begon zijn zwerversbestaan. Van de opera had hij nooit afscheid genomen, al ging zijn liefde nu meer uit naar jazz. Regelmatig vertelde hij me dat hij de voorbije avond en nacht piano gespeeld had in een café in de bovenstad. Waarop ik automatisch naar zijn grote en groezelige handen keek met dikke vingers. Niet echt de slanke, fijnen handen die je de toetsen ziet raken. En toch geloofde ik hem. ’t Winters was hij trouw op post, ’t zomers trok hij regelmatig naar de zee, naar Bredene. Hij kon er gratis heen met de trein en genoot er van het mooiste wat er op aarde bestond: naakte vrouwen. Op een dag zat hij niet op zijn vertrouwde plaats, de volgende dag evenmin. Ik heb hem nooit teruggezien. Heeft hij in Bredene “une heureuse rencontre” gedaan en iemand gevonden die hem liefde en onderdak biedt? Een mooi naar naïeve gedachten. Heeft hij zich verzoend met zijn familie en woont hij terug in Charleroi? Is hij overleden? Wie zal het zeggen. Verdwenen met de noorderzon.   

 

Sommige bedelaars trekken meer de aandacht dan andere. Ik sta steeds weer versteld van de concentratie van een jongeman op de Anspachlaan. Als versteend zit hij op zijn knieën met de blik naar het kartonnen bordje op de grond gericht. Op het bord staat simpelweg “J’ai faim”. Geen beweging die hij maakt, geen spier die hij verrekt, geen emotie die hij verraadt. En dit minutenlang.

 

Zigeuners zijn tactieler. Ze steken meestal een bedelende hand uit of grijpen je bij de arm, trekken een droevig gezicht en zeggen met een klagerige stem: “s’il vous plaît, madame, s’il vous plaît, madame” waarbij ze je aankijken met smekende ogen. Althans, zo hoort het. Tot één van hen uit zijn rol valt, zijn bedelopdracht vergeet en dolle pret beleeft met een andere zigeuner die even verderop staat. Een tijdje geleden zag ik een jonge bedelende zigeunerin met een betoverende glimlach naar haar jonge, slapende kindje kijken. Madonna met kind. In het bekertje voor haar lag nauwelijks geld. Gelukkige taferelen worden niet beloond.

 

Dat er zelfs in deze wereld harde concurrentie is, stelde ik vast toen twee meisjes met hoofddoek weggejaagd werden door een dronken man, omdat dit zijn bedelplaats was.

 

21:17 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Geneesmiddelen, pro of contra?

Onderzoeken wijzen aan dat Belgen vrij snel naar geneesmiddelen grijpen. En meer dan eens wordt de geneesmiddelenindustrie terecht of ten onrechte onder vuur genomen. Maar een tijdje geleden werd ik geconfronteerd met de kracht van geneesmiddelen en het resultaat was verbluffend.

 

Tijdens een opleiding leerde ik een jongeman kennen. Het prototype van de vrolijke, goedlachse Vlaming, een bon vivant in hart en nieren, grappend en grollend, aardig en voorkomend. Het enige wat ik vreemd aan hem vond, was zijn stiptheid (wat voor 99% van de rest van de bevolking dan weer zeer normaal zou overkomen gezien mijn zeer abstract gevoel voor tijd). En als er ’s avonds een feestje aan de gang was, verdween hij soms zeer discreet. Maar verder, een mens zoals jij en ik. Tot hij me enkele dagen later zijn verhaal deed: over de pijn van het zijn, over zijn veranderende gemoedsgesteltenissen: de ene dag beklom hij de Mount Everest, de andere dag kleurde hij alles zwart, over de andere mensen mensen waarmee hij samenleefde en over de grootste van zijn angsten: de isolatiekamer waar hij steeds weer verzeilde als hij het te bont gemaakt had. Ik kon nauwelijks geloven dat de man die voor me zat, uit een psychiatrische instelling kwam. En toch. Wat maakte dan dat hij “normaal” door het leven ging? Een dagelijkse pillencocktail waarvan één me zou volstaan om twee dagen en nachten na elkaar te slapen. Die cocktail én regelmaat. Een onvoorziene omstandigheid was fataal voor hem.

 

Of het om een gelijkaardig ziektepatroon ging, weet ik niet, maar ik herinner me een interview met de theatermaker Jan Decorte in Humo, waarin hij zijn “genormaliseerd” bestaan ook weet aan de dagelijkse inname van een geneesmiddelenmix.

 

M’n hoed af voor de uitvinders van dergelijke producten.

 

21:16 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Cinema Novo

Er bestaat zoiets als de “Romantische Strasse” in Duitsland. Ik vermoed dat het om een stukje van de Rijn moet gaan, met wellicht een bochtje langs de Lorelei die iedere man in verleiding bracht met haar gezang. Al is dat geen nieuw gegeven. De oude Grieken en zelfs een man als Odysseus moesten al was in de oren stoppen om niet bekoord te worden door het gezang van een gelijkaardige maar gevaarlijke sirenen. Nu moet de Moezel zeker niet onderdoen voor de “Romantische Strasse”. Een stroom is al een charme op zich, maar voeg er langs de oever pittoreske dorpjes aan toe en golvende, groene heuvels begroeid met wijnranken, en je leeft enkele dagen in het paradijs. Een aanrader al kan het er naar schijnt heel druk zijn in de zomermaanden. Ik bezocht het de voorbije dagen en je moest er met een dikke trui op het terras zitten maar een aangenaam winterzonnetje maakte veel goed.

 

Wat me wel verwonderde, was dat de heuvels die het voorbije jaar in november nog in levendige herfstkleuren getooid waren er nu kaal en grijs-bruin bijlagen. Vorig jaar was de herfst ook uitzonderlijk lang en zacht. Ik keek in een licht sweet shirt nog uit over de meanderende stroom en genoot van een zacht briesje. Dit jaar houdt de lente langer stand. Vandaar wellicht.

 

En nu we het toch over Duitsland hebben en we in de buurt van de Moezel verblijven… Geen beter leidraad om het Duitsland van de voorbije eeuw te begrijpen, dan de geschiedenis van het dorp Schabbach en zijn bewoners in de Hundsrück: Heimat van Geogre Reitz. Pure klasse!

 

Cinema Novo.

 

De voorbije twee dagen heb ik in de cinemazalen van Brugge doorgebracht. Acht films gezien waarvan 4 over de problematiek Israël-Palestina, 2 Argentijnse, 1 Japanse en één die ik me niet herinner.

-         Amos Gitai was van de partij met Free Zone, al vond ik dat niet zijn beste film. Zelden drie hoofdrolspeelsters gezien die zo verscheiden waren en zo goed tegen elkaar uitgespeeld werden. En ik ontdekte Nathalie Portman.

-         Eindelijk zag ik Le Mur, de documentaire over de muur die de Israëli’s (met Palestijnse ambachtslui) optrekken tussen Israël en Palestina. Een goede documentaire al moet “Pour un seul de mes deux yeux” er zeker niet voor onderdoen. Deze laatste handelt over de grensconflicten en maakt de vergelijking tussen de situatie van de Palestijnen nu versus de joden in Massada ten tijde van de belegering door de Romeinen.

-         “The syrian bride” trok dan weer de vrolijk-wrange kaart. Een film over ernstige en zware thema’s als eeuwenoude familietradities, conflicten tussen ouders en kinderen, het beperken van bewegingsvrijheid maar dat alles overgoten met een vrolijk en bij wijlen ook emotioneel maar nooit stroperig sausje. 

-         “Kiss me but not on the eyes”, een Libanese film over een jonge adolescente die opkomt voor het recht op een eigen volwaardig bestaan als vrouw in het Midden-Oosten. Beoordeling: goed tot zeer goed. Als voorproefje werden we getrakteerd op een optreden van een buikdanseres. Als je niet weet waarover de film gaat en het buiten barkoud is, sta je wel een beetje verbouwereerd. Voor de mannen in de zaal was het alvast een gesmaakt opwarmertje.

-         Bashing, een Japanse film over het onthaal dat één van de bevrijde gijzelaars in Irak te wachten stond toen ze huiswaarts keerde. Hartelijk is niet het juiste woord. Integendeel, ze was een regelrechte schande voor de Japanse maatschappij en werd uitgespuwd door de mensen om haar heen. Ze verlangde maar één ding: terug te gaan naar Irak om er de mensen te helpen. Elk volk heeft zijn eigen cultuur, zijn eigen principes. Dat zie je hier maar al te goed.

21:16 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

"Ordnung muss sein" of burgerzin?

Ik was de voorbije drie dagen voor een blitzbezoek in Duitsland. Duitsers zijn meestal niet erg geliefd bij andere volkeren. Een herinnering aan de voorbije wereldoorlogen? Hun houding in het buitenland, waarbij het voor ze vanzelfsprekend is om alles te vinden wat ze ook thuis hebben? Hun manier om dingen te vragen, te commanderen, hun wetten en regeltjes aan iedereen op te leggen? Zijn het clichés of waarheden? Wie zal het zeggen. Mijn bezoek liet eerder een positieve indruk na. Communicatie tussen mensen op de trein. Een beleefde, zelfs hartelijke bediening in winkels. Een bereidheid om je te helpen. En ja, zelfs de zin voor organisatie maar dan op een degelijke en efficiënte wijze zonder bemoeizucht en de voorgenoemde wetten en regels. En zelfs als je geen hulp vraagt, staan ze voor je klaar. Zo had ik een halte gemist en moest te voet, gepakt en gezakt als een ezel langs de Moezel een heel eindje teruglopen naar een stadje. Op een half uur tijd zijn twee wagens spontaan gestopt om me een lift aan te bieden! En dat ik met modderschoenen in hun nette wagen stapte, deerde ze ook niet. Ik weet het niet, maar ik vraag me af hoe lang ik hier in België zou moeten gewacht hebben, eer iemand me zou meegenomen hebben. Zelfs als ze amok maken, zijn Duitsers nog enigszins gedisciplineerd. Toen ik rond half elf ’s avonds het station van Trier buitenkwam, was een groepje jongeren met zwarte leren broeken en een overjarig punkkapsel met flessen aan het zwaaien en luidruchtig aan het roepen en tieren. Het was geen aangenaam

21:15 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Straatplaag nummer 1

Hondenpoep. Daarover struikelden steeds weer die Nederlandse vriendinnen van me die in België kwamen wonen. Figuurlijk dan, hoewel soms trapte er ééntje ook letterlijk in. Met alle gevloek vandien. Maar waarom steeds Nederlandse meisjes, bestond er dan geen hondenpoep bij hen in Amsterdam, in Kijkduin of Maastricht? En was die poep dan zo prominent aanwezig op onze Brusselse straten? Ik sakkerde wel eens als de poep aan m’n schoenzolen kleefde, maar verder, … Tot ik er begon op te letten. En weldra struikelde ik ook over hondenpoep. Het viel me op dat ik geen straat kan op- op afgaan of een hond had er zijn pasteitje gedeponeerd. En in de parken zag het er al niet veel beter uit. Wilde ik tegen een boom aangeleund een boek lezen, de hondenpoep keek me uitdagend aan en verwees me naar een ander plekje. Of wou ik gewoon ik het gras gaan liggen, dan moest ik dat ook eerst aan een grondig onderzoek onderwerpen. Een plaag, zo kan je ’t noemen. Elke hond is in mijn ogen een potentiële verdachte. Mis poes, zoek niet de hond maar het baasje.

 

Op een dag keek ik tijdens het werk uit het raam. Een chique, wat truttige dame, liet haar poedelhondje uit. Hij deed zijn gevoeg tegen een muurtje maar wat ik daarna zag tartte elke verbeelding. De dame haalde een plastic zakje uit haar tas en stopte het hondenpoepje erin. Ik had het raam wijdopen willen draaien en een luid applaus geven. Ik bleef veilig achter het raam, glimlach op het gezicht. Onlangs was ik in een vakantiepark in Duitsland. Om de zoveel meter staat er een paal met plastic zakjes en vuilnisbak. Ik heb over het hele domein geen hondenpoep gezien!

 

Waarbij ik me de vraag stel: moet je de gemeente aansporen dergelijke palen te plaatsen of reken je op de burgerzin van hondeneigenaars en bestraf je ze indien ze zich hier niet aan houden? Ik weet het niet, maar één ding weet ik zeker: als iedere hondenvriend wat bewuster optrad, zouden de straten en parken van Brussel er vast al netter uitzien.

 

21:14 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Rotterdam, here I come!

Rotterdam, here I come!

 

Barcelona, New York, de steden die miljoenen toeristen lokken en blijven lokken, iedereen wil er op een dag heen- of teruggaan. Ook ik. Maar voor Barcelona en New York wordt het Rotterdam. “Rotterdam!”, stamelen vrienden. Wat ga je daar gaan zoeken? Een moderne stad en dat is het.” Anderen die erheen geweest zijn, raden het me af: “Er is niets te zien, het is tijdverlies”. En toch wil ik erheen. Liefst deze zomer.

 

Het begon met foto’s van Hotel Bazar Bizar, waar je kan kiezen tussen kamers in drie verschillende stijlen: Oosterse, Zuid-Amerikaanse en Arabische. Ik voelde me enorm aangetrokken door de feërieke lichtjes en de stoffen van de Arabische kamers, door de eenvoud en inventiviteit van de Zuid-Amerikaanse kamers en door nog zo veel meer. Het hotel heeft een multicultureel restaurant waar je hapjes uit de hele wereld kan eten. Het nodigt uit om er een plaatsje te reserveren, in het bord van je buren te gluren, de exotische geuren op te snuiven. Kortom, ik was verkocht!

 

Even later vertelde een Nederlandse vriendin me over een hotel in Rotterdam dat voorheen dienst deed als voormalig kantoorgebouw van de Holland-Amerikalijn. Ook dat sprak tot m’n verbeelding. De informatie bleek naderhand ook correct: Hotel New York. Al was het maar als instapje voor de overstap naar New York. En dan nog graag met de boot, zoals in de tijd van toen.

 

Dus twee nachten gegarandeerd of tweemaal Rotterdam. Is er dan overdag genoeg te doen? Je hebt de Kunsthal, het NAi en het museum Boijmans van Beuningen. En nu ik toch bezig ben, ga ik ook maar het lijstje van de andere leuke adresjes af. Eten in ’t Scheepvaartkwartier: Rosso, Land van Waas, Fugu, Zinc, Huson, Zenne!!! (ook in Nederland?), Zeezout en Parkheuvel. Voor een biertje kan je terecht bij: Loos, de Witte Aap (alleen al voor de naam mijn favoriet) en het Westerpaviljoen. Winkelen: De Witte de Withstraat en de Van Oldenbarneveltstraat. (Bron: hotelB&B 2005 van Feeling, editie 2005).

 

Tijdens een – slechte maar met m’n centjes duurbetaalde - cursus scenarioschrijven die ik ooit volgde, zat een jongeman uit Nederland. Hij had een heel leuke kortfilm bedacht over een vrouw die in een groezelige, grimmige buurt woont temidden van onbetrouwbare, louche manspersonen. Bij de beschrijving dacht ik aan wijken in Johannesburg of Nairobi . Toen ik hem zei dat het wel duur zou zijn om die hele equipe te laten overvliegen naar Afrika, keek hij me verbaasd aan en zei: “Dat hoeft niet. Ik heb het allemaal bij de deur waar ik woon. In Rotterdam”… Eergisteren ben ik gaan luisteren naar een boeiende lezing van Dick Lockhorst, een man van PvdA, die de deelgemeente Charlois niet wil opgeven en actie voert tegen de verloedering, verkommering en vooral de criminaliteit in de wijk. Er zaten hoop en al twintig mensen in het Beurscafé, al hadden er naar mijn mening, zeker 300 mogen zitten. Vreemd om de kordate maatregelen te horen uit de mond van een PvdA’er, maar ik geloof wel in zijn aanpak. En bewonder zijn doorzettingsvermogen. Hij sprak in dezelfde trent als Marion Van San. Ook die

21:13 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Rotterdam, here I come!

De laatste tijd hoorde ik meer en meer vreemde geluiden in m’n appartement. Ik kon ze niet thuisbrengen. Het waren niet de gebruikelijke geluiden van m’n bovenbuurvrouw: haar hakken die op de vloer tikken, haar kat die vanop een hoogte op de grond neerploft, de trekker die over de vloer schraapt (een geluid dat mij kippenvel bezorgt), noch de stemmen van de televisie die steeds veel harder klinken wanneer haar vriend op bezoek is (een perfecte barometer voor zijn aanwezigheid). Kortom, ik hoorde geluiden maar wist niet vanwaar. Ten einde raad bedacht ik dat ik ze me ingebeeld had. Maar de geluiden bleven komen en vreemde dingen gebeurden om me heen. Zo viel de bezem die vastgehecht was aan de terrasdeur veel meer dan anders en vond ik voorwerpen op grond. Ik weet dit aan de wind die heviger waaide de laatste tijd en plaatste alles netjes terug. Tot ik de reden voor de vreemde geluiden plots in het vizier kreeg toen ik mijn terraskast opende: Een duif had er haar intrek genomen. Op de bovenste plank. Een duif van de bovenste plank. Maar nog groter was mijn verbazing toen ik onder de duif een kopje zag met gele en grijze spikkeltjes. Een piepklein duifje dat me angstig aankeek. Vandaar die geluiden. Ik moet bekennen dat ik trots ben over het feit dat ze mijn kast als schuilplaats uitgekozen heeft. En zo stap ik elke dag de ladder op om te zien hoe Frieda, wat zo heb ik het duifje genoemd, het stelt. Elke dag weer ben ik meer tevreden haar te zien, elke dag ben ik minder tevreden van de staat van m’n bovenste plank annex terras die tot schijthuis verworden zijn. Alleen durf ik de plank niet uit te mesten om Frieda geen angstaanval te bezorgen. Vreemd hoelang een duifje erover doet om haar vleugels uit te slaan. Maar eens, als ze groot is, zal ze wegvliegen de weide wereld in, of minstens toch tot de boom hier dichtbij.

21:11 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Het domino-effect

Op een vrijdagavond vertelt een vrouw haar echtgenoot dat ze wil scheiden en het kind bij zich houdt. Zij blijft in het huis wonen, heeft voor hem al een appartement geregeld.’s Maandags komt hij aangeslagen op het werk aan waar hij diezelfde avond ontslagen wordt. Kortom: in vier dagen tijd verliest hij vrouw, kind, huis en werk. Het overkwam een vriend van me. Hoe vaak heb ik de indruk dat één tegenvaller een andere tegenvaller met zich brengt. De wet van het domino-effect.

21:11 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Angie

Bij het vermelden van de naam Angie zullen toch een heel pak mensen automatisch aan de evergreen “Angie” van de Rolling Stones denken. Wie wordt niet stil van die ultieme song, wie heeft zijn partner niet eeuwig trouw beloofd tijdens een slow op dat liedje, hoeveel openingsdansen begonnen niet met de song die Mick Jagger zo doorleefd zong, meer nog, misschien werd een jaar later een meisje geboren en Angie genoemd.

 

Jarenlang was ik een absolute fan van Angie. Bij het spelen van dat liedje, hield ik even op met wat ik aan het doen was, kleefde m’n oor aan de radio en verhuisde voor enige minuten in een andere wereld.

 

Tot ik de biografie van Keith Richards las. Richards had bij mij altijd een streepje voor op Jagger. Ik hou meer van het ruwe en boosaardige van Keith dan van het afgelikte, gepolijste van Mick. Wat ik las was ontnuchterend. Nu nog blijft Keith mijn man maar mijn liefde voor hem is aardig bekoeld. Net zoals die roadie die gek was op Keith en bij toeval het geluk had om hem enige tijd te begeleiden of misschien was het maar voor één dag. Wat hij te zien en te ondersteunen kreeg, was een stonede Rolling Stone, die door een duivelse combinatie van drank en drugs meer onbewust dan bewust door het leven ging. Jaren zijn uit zijn geheugen gewist. Het mag een wonder heten dat die man nog steeds op het podium staat. Kortom, hij is een surviver. En volgens goede bronnen, de echte baas van de Rolling Stones, wat andere tongen ook mogen beweren.

 

Keith speelde de aanzet van Angie op één van die avonden, vol van drank en drugs. ’s Ochtends werd hij wakker en hoorde de tonen. Hij bewerkte ze en het werd een wereldsucces. Met liefde had het net iets minder te maken. Ik citeer uit Victor Bokris’ biografie van Keith: Tijdens de rit naar Londen in de limousine drukte Marlon (Keith’s zoontje) zijn bange gezicht tegen het raam, omdat hij zo probeerde om niet te zien wat zijn ouders aan het doen waren, terwijl Keith methodisch Anita (Pallenberg)  in het gezicht stompte. Intussen klonken de gevoelige regels van “Angie” over de hele wereld: ‘All the dreams we held so close, seem to all go up in smoke…/ I hate that sadness in your eyes’.

 

Hoe het Keith verder verliep. Hij leerde Patty kennen, de vrouw waarmee hij nog steeds zijn leven deelt. Ze wonen in Connecticut, waar Keith na zijn optredens dadelijk heengaat om er een rustig leven te leiden. Het kan verkeren. Een Rolling Stone, die als zijn vrouw even geen tijd heeft, zijn kind aan de schoolpoort opwacht, zij het wel met sigaret in de mond en bierflesje in de hand.

 

21:10 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Leve de lente!

Velen kijken me meewarig aan als m’n gelaat opklaart bij de heftige windvlagen en kletterende regenbuien die vanuit de hemel de straatstenen teisteren. Ik ben gek op de maartse buiten en aprilse grillen. Ik hou enorm veel van regen, mist en onweer. Ik ben blij om hier te leven en deelgenoot te zijn van de vier seizoenen. Elk heeft zijn eigen charme, maar mijn voorkeur gaat toch uit naar lente en herfst. Vanwege de –in mijn ogen- milde, ideale temperaturen, niet te warm, niet te koud. Ideaal weer om in een lichte jumper over straat te lopen. Ik hou van de herfst omwille van de kleurenpracht van de bladeren, het vergaan van de dingen, de langzame aftocht naar een onverbiddelijke winter. En van de lente om net de tegenovergestelde redenen: de knoppen die zwellen en openbarsten, alles dat tot leven komt, de eerste bloemen die tuinen sieren: de paasbloemen, de tulpen. De geuren die in de lucht hangen en die je probeert te achterhalen, wat vaak een hopeloze zaak lijkt. Dat lentegevoel heb ik nu elke dag in m’n lijf als ik ’s ochtends de deur uitloop voor een wandeling of op weg naar het werk. Een hemels gevoel. Leve de lente!

 

21:09 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De Raadplaats

Geen inwoner van Anderlecht die weet waar de Raadplaats is, tenzij dan de postbode. Maar als je aan mensen vraagt waar het gemeentehuis ligt, zullen velen je de weg erheen wijzen. Laat nu net dat gemeentehuis het gezicht van de Raadplaats zijn. Het werd gebouwd door een architect die al heel wat militaire gebouwen op zijn naam had staan. Vandaar zijn strakke gevel en strenge uitstraling. Vorig jaar vierde het in alle stilte zijn honderdjarig bestaan.

 

Iets meer geluid was er bij het koninklijk bezoek. Toen prinses Mathilde in het Erasmushuis in Anderlecht haar kinderen ter wereld bracht, kwam haar gemaal prins Philippe zijn kind inschrijven in het gemeentehuis. Of er een wilde volkstoeloop mee gepaard ging en horden mensen aan dranghekken een glimp van de kersverse vader wouden opvangen, betwijfel ik. Laat staan of de bewoners van dit plein en deze wijk wel hem wel kennen? De talrijke nieuwe Belgen die hier wonen waarschijnlijk niet. Zij hebben andere helden. De oude Anderlechtenaars die hier geboren en getogen zijn en deze plek niet willen verlaten, wellicht wel, Och, madammeke, weilen zein hier gebore en nen aven buum, da verplant ge toch nie, hé. Kom, weile zein voesch. En weg zijn ze, hun huizen in. Wie niet in hun huizen schuilen, maar vredig op de bank naast elkaar zitten, zijn vier oude mannen met een grijs baardje, witte pots op het hoofd en grijze lange jas aan. Ze zitten hier en kijken naar wie en wat er om en op het plein beweegt. Weinig, bitter weinig. De vlaag van woede en geweld die dagenlang de grote Franse steden teisterde, is niet overgewaaid naar Anderlecht.

 

Het plein is een oase van rust en kalmte. Ik stop voor de bakker op de hoek waar mierzoete Arabische koekjes torenhoog in het uitstalraam opgestapeld staan. Het is er een drukte van jewelste. Mensen komen af en aan. De zaakvoerder bedient snel zijn klanten en schakelt probleemloos over van Frans naar Arabisch. Nederlands is onbestaande. Het aanbod is ruim en divers: Franse ‘baguettes’ en ‘ficelles’, platte Arabisch broden en pannenkoeken, boterkoeken met of zonder rozijnen, croissants, roomsoezen, éclairs, feestelijk uitziende taarten in zeemzoete kleuren als lichtgroen en roze en bovenal de onvolprezen Arabische gebakjes. Aan hun lokroep kan ik niet weerstaan. De man lacht me vriendelijk toe en houdt me de gebakjes in een neutraal wit zakje over de toonbank voor. Wanneer ik de winkeldeur sluit, valt m’n blik op een promotiereis naar Mekka. Ooit was het anders. Toen ik een tiental jaar geleden voor de eerste keer langs de bakkerij liep, was de winkel verdeeld in een respectievelijk Europese en Arabische helft. In de Europese etalage lagen de Westerse broden en koeken, in de Oosterse etalage lag het mierzoete gebak en de ronde platte broden. Op de deur stonden zusterlijk naast elkaar een affiche voor een busrit naar Lourdes en een promotieprijs voor de hadj. De man zal toen ook niet mijn verbaasde blik begrepen hebben wanneer hij me met een allerbeminnelijkste glimlach m’n koeken overhandigde in een maagdelijk wit zakje waarop de letters ‘maandverband’ prijkten. Wellicht heeft iemand hem erop attent gemaakt dat de zakjes die hij tegen een gunstprijsje op de kop had kunnen tikken een vreemde combinatie vormden. Want de volgende keer waren het geen wegwerpzakjes meer, maar zakjes van een bakker uit een West-Vlaams dorpje met dertig zielen. Bij gebrek aan klandizie had hij er wellicht de brui aan gegeven en was zijn geluk gaan beproeven in een industriële bakkerij wat verderop of in een kantoor in de hoofdstad.

 

Wat past beter bij een mierzoet taartje dan een kop hete muntthee? Ik steek de straat over, keur de verschillende bosjes en kies er tenslotte het meest geurende uit. Wanneer ik op straat m’n portefeuille bovenhaal, vermaant de allochtone winkelier me heftig gesticulerend vanachter zijn raam binnen te komen. Eenmaal binnen, wordt ik op een tirade vergast van hoe dom het van me is om m’n portefeuille te openen op het plein in open lucht en niet discreet in de winkel. Met al die verdachte figuren op straat. Waarop goedbedoelde raadgevingen volgen: ‘Sluit je tas goed af, nee, niet gewoon dicht, ook met de riemen’. Ietwat verbouwereerd stap ik buiten. Nog nooit ben ik hier bestolen en steeds weer zijn het nieuwe Belgen die me wijzen op mijn nonchalant gedrag.

 

De bank op de hoek heeft haar deuren gesloten. Het politiecommissariaat dat er vervolgens zijn intrek nam, is op zijn beurt ook weer verhuisd. Andere winkels op of rond het plein verkopen waren die je nergens anders vindt. Stel dat stenen zouden kunnen spreken, welke verhalen zouden deze van het stadhuis dan vertellen? Honderd jaar heeft het mensen zien komen en zien gaan. De klok van het stadhuis mag dan wel blijven stilstaan, de tijd heeft daarom niet stilgezeten.

 

21:09 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Van bollen naar Bolle

Het stukje over bollen deed me denken aan een relatief nieuwe zaak in de Vlaamse Steenweg: Bolle. Het is een café annex boekenhandel. In een vroeger leven trok Bolle op met Wim Vandekeybus maar toen een Bolle junior zich aankondigde, was de tijd gekomen om het zwervend bestaan op te geven en zich te settelen. Bolle vond een huis op de Vlaamse Steenweg en zo geschiedde. In de voorplaats kan je iets drinken aan één van de tafels of in een sofa. Het is er wat rommelig, het zijn tweedehandsmeubels maar daarin schuilt juist de charme van dit café. Aan een wand in de voorplaats, valt je oog op een hele reeks tweedehandsboeken. Een opstapje en daar vind je Bolle Senior, als hij niet met een klant aan tafel zit of boeken plaatst in de rekken. Daar vind je ook boeken over kunst: dans, muziek, film. Maar het grote geheim ligt achteraan verborgen, daar is de grot van Ali Baba in de achterkamer verscholen als een goed bewaakt en gekoesterd geheim. Daar vind je een ruime en uitstekende keuze van boeken in het Nederlands, Frans en Engels. Actuele werken die hoog scoren in de boekentoptien, maar ook de grote klassiekers. En ik verdenk Bolle ervan  zijn eigen voorkeur tussen de rekken gemoffeld te hebben. Kortom, de Vlaamse Steenweg passeren zonder buur Bolle een bezoekje te brengen, zou doodzonde zijn.

 

De correctheid gebiedt mij ook een andere boekenzaak te vermelden: Passa Porta in de Antoine Dansaertstraat. Je moet er wel heel goed naar zoeken, want voor je het weet, loop je voorbij. Een klein bord verwijst naar de boekhandel die achterin gelegen is. Eerst moet je een lange gang door voor je dit boekenparadijs betreedt. Het is een grote, open, wit-heldere ruimte met een gevarieerd assortiment. Er worden ook geregeld literaire happenings georganiseerd. Kortom, een aanrader.

 

Tenslotte wil ik nog één zaak vermelden, al is dat meer een antiquariaat/ tweedehandsboekenhandel op één van de mooiste en rustigste pleintjes van Brussel: het Ivoren Aapje op het Bloemenhofplein in de Begijnhofwijk. Een eigenzinnige keuze van een naar Brussel uitgeweken West-Vlaming. Dit antiquariaat verdient minstens evenveel aandacht als voornoemde boekenhandels.

 

Brussel was jarenlang op Vlaams boekenhandelvlak een verschraalde woestijn dat geen enkel teken van leven vertoonde. Sinds enige tijd is er verandering in gekomen. Laten we hopen dat de nieuwe zaken van het “Weltwechsia Mirabilis”-type zijn, planten die door hun diepe wortels en andere kenmerken zeer goed gedijen in woenstijngrond.

 

21:08 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Toogbollen

Was het onder invloed van de nieuwste campagne voor het eten van meer fruit en groenten’,  ik besloot een bezoekje te brengen aan de fruit- en groentenwinkel in m’n gemeente.  Ik kocht er peren en aardbeien. De frambozen en de dadels, die er zo smakelijk uitzagen die ik er dadelijk m’n tanden in wilde zetten, waren te duur. Toen ik het geld op de toonbank legde, vielen de chocoladen eitjes me op. “Mag ik er eentje nemen?”, vroeg ik de verkoopster. “Natuurlijk, daarvoor staan ze er”. Volgde een discussie tussen twee volslanke dames over de geneugten van chocolade (en dat in een fruitwinkel). Die chocolaatjes deden me denken aan een gebruik dat tot mijn grote spijt meer en meer verdwijnt: “Het mandje of de trommel met bollen op de toog.” Vroeger was het schering en inslag in de winkels. Je rekende af en nam een bolletje uit de trommel. Het heeft iets charmants. Die kleine attentie voor de klant, dat onverwachte maar welgekomen tussendoortje. Of het nu om Chocotoff’s , Fruitella’s of één ander obscuur streekmerk gaat, maakt niet uit. Het is een klein geschenk dat ik soms dagen- of wekenlang koester en verborgen hou ik m’n jaszak of tas tot dat ene gezegende moment waarop ik het opdiep en er tergend traag geniet van het kleinood. Er mag dan wel een dag van de klant zijn, waarop je éénmaal in het jaar door de winkelier in de bloemetjes gezet wordt, die ouderwetse winkels denken ongevraagd en spontaan elke dag aan je. Bovendien kan het ook als verkoopsargument fungeren: waarom plaatst een bakker geen mandje met plakjes cake bij de kassa. Je neemt een stukje en misschien valt het wel zo erg mee dat je bij je volgende bezoek een cake koopt.

 

Hoe dat gebruik van “bollen op de toog” ontstaan is, weet ik niet. Zou het iets met gebrek aan kluttergeld te maken hebben? Van vakanties in Italië, herinner ik me dat bollen soms gebruikt werden als pasmunt bij gebrek aan een briefje van 50.000 lire (een halve, één of anderhalve euro?). Persoonlijk vond ik dat altijd heel leuk, maar toen we na twee dagen een trommel vol snoep vergaard hadden, werd het mijn vader net iets teveel toen een Italiaanse winkelier hem goedlachs enkele bollen aanreikte en mijn vader in een jawel, Brusselse colère ontstak. Italianen kunnen brullen, maar mijn vader brulde nog harder en liet de Italiaan verbouwereerd achter met zijn bollen.

21:07 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Het fit-parcours

Het fit-parcours

 

De gemeente heeft onlangs een fit-parcours aangelegd in het Vijverpark. Ze spoort de wandelaar aan rek-, strek- en andere oefeningen te doen om zijn fysieke pijl wat op punt te stellen. Ik wandel naar de toestellen, lees de bijhorende tekst en bekijk de toestellen met enige argwaan. Ik kijk om me heen of te zien of er nog andere toestellen staan en vooral of er nog andere mensen in de buurt zijn. Me bewust van m’n weinig benijdenswaardige fysieke toestand, wens ik niet het gegniffel van toevallige voorbijgangers te speuren bij m’n ijdele pogingen. Niemand waagt zich aan de oefeningen. Iedereen komt dichterbij, observeert, leest, en loopt verder. Of toch niet? Een dame in gezelschap van haar man, onderneemt een schuchtere poging en gaat op de evenwichtsbalk staan. Ze verliest algauw haar evenwicht en wordt lachend en liefdevol opgevangen in de armen van haar man. Dat een mens een intelligent dier is en al snel een eigen, andere toepassing uitdenkt voor een gymtoestel blijkt al snel. Op de andere oever heeft een koppeltje een toestel voor sit-ups tot ligbed omgevormd. Ze liggen er lekker languit. Hij leest de krant, zij geniet van de zonnestralen op haar huid. Voor ik het park uitloop, zie ik dan toch het onwaarschijnlijke. Een atletisch gebouwde man wipt over de toestellen alsof het om een eenvoudig spelletje gaat, trekt zich moeiteloos op aan een balk in een beweging waarop elke paracommando jaloers zou zijn en beleeft er nog zichtbare pret aan bovendien!

21:06 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Dialecten

Wat overigens dat Brussels betreft, ik moet tot mijn schade en schande erkennen dat ik het niet kan spreken. Ik hou er wel enorm veel van en ben stikjaloers op mensen die het wel kunnen. Ik vrees dat het aan het vervagen is. Hoeveel jongeren die in Brussel wonen, kunnen nu nog Brussels spreken? En niet enkel het Brussels, maar ook dem Brusseleir en diens mentaliteit verdwijnen.

 

Ik hou van een mooie, nette taal en die moet ook onderricht worden in scholen, maar dialecten uit het gezin bannen, uit de vriendenkring, op café, in de winkel is een misdrijf waarop zware straffen zouden moeten staan.

 

21:06 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Een Brusselse colère

M’n vader is in gewone omstandigheden een beleefd en vriendelijk maar ook standvastig man met principes. Schendt iemand zijn rechten, dan zal hij dit ook laten blijken. Op een Vlaamse manier (niets zeggen maar nooit meer teruggaan), maar in sommige gevallen ook op een Brusselse manier. Heeft u nog nooit gehoord van de uitspraak “Hij ontstak in een Brussels colère ”. Ik had het gehoord, maar nog nooit gezien. Tot ik op een dag naast mijn vader in de wagen zat en we een kruispunt opreden. Geen van de wagens wou voorrang verlenen. Waarop mijn vader de daad bij het woord voegde en ontstak in een Brusselse colère. Hij stapte woest de auto uit, gesticuleerde heftig met zijn armen, tierde en riep, en gaf een tirade ten gehore waarvan zelfs de voorzitter van het comité voor het Brussels jaloers op zou zijn! Het was dicht bij het spitsuur. Wagens kwam aangereden, het werd een drukte van jewelste op dat kruispunt, er werd geclaxonneerd, er werd getierd en geroepen maar dat deerde mijn vader niet. Hij liet gewoon zijn wagen op het kruispunt staan, sloot de deur en wandelde weg tot verbijstering van alle omstaanders. Hoe het afgelopen is weet ik niet meer. De politie is er niet op afgekomen, dat weet ik zeker. Misschien is het gewoon op zijn Brussels geëindigd en op de manier waarop mannen zich vaak boosmaken. Ze roepen en ze tieren, maar twee minuten later zijn ze alles vergeten.

 

Vrouwen zijn daar anders in. Die herinneren je als je op een exotisch eiland van een cocktail nipt en voluit genoten hebt van een schitterende dag, zeer fijntjes aan een misstap van tien jaar geleden. West-Vlamingen hebben soms ook zoiets.

 

21:05 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Dringend klusjesman gevraagd!

Zich wenden tot ondergetekende. Want het begint hier stilletjes aan de spuigaten uit te lopen. Toen ik dit appartement zo’n 10 à 15 jaar geleden voor het eerst bezocht, was het “love at the first sight” en ook nu nog prijs ik me elke dag gelukkig dat ik hier woon. Alleen heb ik soms de indruk dat ik m’n liefde wat meer in de watten zou mogen leggen. Doorheen de jaren hebben de prullaria zich opgestapeld en wordt het wat te veel van het goede.

 

Niet dat ik een voorstander ben van kale, modernistische designtoestanden, verre van, ik hou veel meer van kleine, gezellige ruimten met een warme toets. Vrienden en collega’s interpreteren dit vaak verkeerd. Wanneer ze bij toeval een huis zien dat volgepropt is met de meest waanzinnige rommel van poppen, beeldjes, figuurtjes, melden ze mij: Dat huis is werkelijk iets voor jou. En probeer maar van je reputatie af te geraken! Niet makkelijk, ik verzeker het je. Een woonst een ziel geven is één zaak. Maar hier gaat het verder. Zoals elk levend wezen, toont dit appartement soms ook trekjes van ouderdom (het is in 1950 gebouwd) en van gas-, elektrische en andere toestellen heb ik ook van geen kaas gegeten. Daarom onderstaand lijstje van nodige herstellingswerken:

 

Algemeen lijstje

-         de emaille van het bad is volledig weg (en mensen die me kennen weten hoe sterk ik hieraan til, m’n bad is me heilig);

-         het kraantje van de lavabo in de badkamer drupt – drupt –drupt;

-         de “chasse” van het toilet doet het niet meer naar behoren;

-         de deur van de kast op m’n piepklein terras is volledig vermolmd en kan niet meer dicht (gelukkig maar voor de duif die er haar nest in gemaakt heeft)

-         de deur van de gang naar de woonkamer kan niet meer dicht;

-         enkele latjes van het parket komen los (vreemd dat ik nog niet met m’n voeten in de nagel getrapt heb);

-         lucht circuleert door de verwarmingsbuizen en het getik houdt me uit mijn slaap, meer nog, maakt me hoorndol (een goedkoop maar efficiënt middel voor folterpraktijken)

-         na de plaatsing van een gepantserde deur (gang/woning) is er onderaan een kleine sleuf die veel tocht doorlaat. Daarom had ik daar graag een schoonmoederhond vastgenageld, maar hoe hecht je die vast aan een gepantserde deur?  

-         de veiligheidsleuning rond het terras is volledig los (gevaarlijk als er vrienden met kinderen op bezoek komen);

-         in de woonkamer is een vrij groot, afzichtelijk gat rond de verlichting (een afscheidsgeschenkje van de vorige eigenaar die zijn verlichting maar niet los kreeg).

 

Electronica en andere toestanden

-         Ik heb een abonnement op Coditel genomen om films te kunnen opnemen en een video maar de kanalen zijn niet op elkaar afgestemd. Dus kan ik geen films opnemen.

-         Ik heb in de Macro een mooi, goedkoop en klein hifiketentje gekocht voor in m’n bureau. Muziek inspireert me en brengt me in de juiste mood. Alleen functioneert het niet.

-         Ik heb een computer maar slaag er maar niet in om de luidsprekers eraan vast te hechten en weet evenmin of ik er cd’tjes in kan plaatsen (ik heb geen internet).

 

Daarom, heeft u een handige klusjesman en wilt u hem even uitlenen. Of bent u zelf een gedreven en goede klusjesman, aarzel niet. De koffie en taart staan klaar!

 

21:04 Gepost door lila | Permalink | Commentaren (19) |  Facebook |